Buitenaards

 

 

 

‘Mam, ik heb iets héél bijzonders gevonden, het komt van een andere planeet. Als jij me het laatste stukje op de fiets duwt, dan laat ik het je zien.’

Nu laat ik me niet graag chanteren, maar als je het zó stelt… Middelste maakte me wel nieuwsgierig! Bovendien hadden we al een eindje achter de rug. We waren door onze voorraad boterhammen en druiven heen en het ijsje bij de Italiaanse ijssalon was al weer een uur geleden. De zon verstopte zich achter de grijze wolken, de wind blies fris van opzij… Goed, duwen dan maar, die laatste kilometers, dan waren we lekker snel weer thuis. Konden we fijn samen E.T. kijken (jeweetwel, die film over dat buitenaardse wezen).

Middelste had niks te veel gezegd. Die ‘antennes’ op de rug van de rups waren natuurlijk bedoeld om contact te maken met de andere rupsen op het thuisfront, die verre planeet ergens in de ruimte. ‘E.T. phone home’, hoorden we hem nog fluisteren… of was dat nou de wind?