Klein hoefblad

Op weg naar school passeren we enkele braakliggende veldjes. Als we niet te veel haast hebben, speuren we vanaf de fiets even over het veld naar grauwe ganzen, biddende torenvalken of patrijzen. De afgelopen dagen kleuren de anders bruin-groene velden ineens opvallend frisgeel. Paardenbloemen, dacht ik eerst. Maar nu ik vandaag eens dichterbij kijk, blijkt het allemaal bloeiend klein hoefblad (Tussilago fafaro). Veel fijnere bloem en iets lichter van kleur dan de paardenbloem.

Klein hoefblad is een algemene pionierssoort, vaak te vinden op stortplaatsen, braakterreintjes en zonzijdes van sloten. Leuke soort om te ontdekken, vooral omdat het zo’n vroege bloeier is. Soms bloeit hij al op zonnige dagen in februari, als er verder nog weinig kleur in het veld is. Dat zonnetje is overigens wel noodzakelijk, anders blijven de bloemen gesloten.

Vroeger werden de bladeren van de plant -die pas na de bloei verschijnen- veel gebruikt in hoestmiddeltjes, maar sinds de ontdekking van schadelijke stoffen is dat verboden. De Romeinen zouden er zelfs mee gerookt hebben, tegen hoest, maar ook als genotmiddel.
De plant lijkt mij vooral nuttig voor vliegen en bijen. En vooruit, ook voor kinderen.
‘Mogen we bloemen plukken, mam?’ klinkt het achter me.