Schelpenschat

Met twee blote handen en rode wangen van inspanning graaft middelste, als een blij hondje dat een bot begraaft, een enorme kuil in het zand. Als hij de kuil diep genoeg vindt, keert hij de meegebrachte plastic zak om, gevuld met zojuist verzamelde schelpen. Schuift dan met twee armen het uitgegraven zand er bovenop. Dansend en springend stampt hij het geheel stevig aan en markeert de plek met een kruis, beide strepen getrokken met de zijkant van zijn schoen. Voldaan, met glimmende ogen: ‘Zo, hier ligt de schat begraven. Die is voor de armen.’ Wat een schat!

Vandaag struinen we langs de Groningse Waddenkust, speurend naar schelpen, veren en mooie korstmossen. Geen sneeuw deze kerstvakantie, wel rode wangen, harde wind, zand in de broek en zakken vol schelpen. Een uitgewaaid hoofd en uitgelaten kinderen. Heerlijk.